Concrete jungle… (Deel 2)


06 mei 2017 | Jelle Vandaele

Vorig jaar deze tijd publiceerde Jelle Vandaele als fanatiek riviervisser het artikel Concrete jungle. Een grillige visserij in een al even grillige omgeving van het Belgische land, daar waar het aanvankelijk lijkt op onbegonnen werk, kan er voor de volhouder - veel meer dan gedacht - ook ruimte liggen voor vissersavontuur… Deel 1 vind je overigens terug op www.dekarperwereld.nl.

 

Hoewel er veel natuurlijkere en rustigere plekken zijn om te gaan vissen, blijven de betonnen muren en de zware industrie toch een speciaal gevoel opwekken. Voeg daarbij het wispelturige, ruige karakter van de rivier (wat op zich al een uitdaging is) en een resem oersterke vissen mét de kans op een beer, en je begrijpt waarom de rivier niet alleen letterlijk trekt. Na een afwezigheid van twee weken rijd ik eindelijk opnieuw door de vallei. Na een rondritje tussen beide stuwen blijkt algauw dat de zomer zijn tol eist en drukte is mijn deel. De makkelijkst bereikbare stekken lijken wel echte campings. Bij aankomst, was me onmiddellijk al opgevallen hoe druk het die avond is rond één van de stuwen. Die zone valt al helemaal te mijden want dit gaat zelfs een camping te boven. Later zou blijken dat daar in de week ervoor een zware karper gevangen was en ook dat het nieuws hieromtrent al snel wijd was verspreid... Maar om goed te vangen, moet je juist de rest een stapje vóór zijn...

 

Witte ghost

Ook de stek waar ik tot hier de meeste vissen ving, blijkt bezet en ik hou even halt langs de rivier op een plek waarvan ik weet dat er veel rivierkeien liggen. Ik maak me helemaal niet druk om die ene stek, want riviervissen zijn toch nomaden. Wel zie ik dat ik mijn voorraad stenen dringend moet aanvullen . Rond die stenen hang ik een stukje binnenband van een fiets en maak die vast in de clip. Op die manier laat ik niet telkens, zelfs bij de aanbeet van een kopvoorn of barbeel, een dikke tweehonderd gram lood in het water achter. Tijdens mijn zoektocht naar de ideale kei, rolt er al na een paar minuten een karper in de buurt. De dichtstbijzijnde karpervisser op links, zit al gauw anderhalve kilometer verderop. Op rechts zitten er twee op een kleine kilometer. Het blijft een gok want deze stek is me onbekend, maar liever dat dan een ‘concullega’ op mijn schoot. De bus wordt omgekeerd, de boot is in no-time opgepompt en mijn vertrouwen krijgt een boost want opnieuw meende ik er één te zien rollen. Met een sterk touw laat ik de boot langs de metershoge muur zakken. Het is moeilijk om rustig te blijven nadat ik die karpers zag, maar het is wel noodzakelijk. De elektro, dieptemeter en batterij draag ik daarom zo snel, maar tegelijk zo voorzichtig mogelijk langs het trapje naar de boot. Beide rigs worden met behulp van de boot gedropt omdat het gewicht van mijn ‘lood’ te zwaar is om ver te gooien. Enkel als het echt te snel stroomt, wordt er met lood gevist net omdat ik dan de rigs niet uitvaar maar ingooi. Veraf vissen is dan toch onmogelijk door de stroming en/of drijfvuil. Aan beide hengels hang ik een multirig, omdat ik zo makkelijk en snel van haak kan wisselen, zonder de ganse onderlijn te moeten vervangen. Aan linkse rig hangt een Fang X en die gaat op een vlakke onderbreking in een steil talud. Rechts drop ik in een kuil die een doorsnede van een meter of tien heeft en een goede halve meter dieper is dan het omliggende water. Deze rig vis ik met een Chod Twister. Als aas gebruik ik de vertrouwde 4G boilies maar zoals steeds, voer ik maar matig bij aanvang. Ik wacht het donker af om bij te voeren, om zo de grondels toch deels te ontwijken. 

 

Concrete jungle 02


Binnen het uur loopt de linkse hengel af. Ik dril voorzichtig omdat ik de stek niet ken en ga alvast onderaan het trapje, bij de boot, staan. Even later blijkt een witte ghost met donkere vlekken op zijn kop zich te hebben geprikt. Kicken! Er komt geen boot aan, dus bevestig ik mijn net even achteraan mijn boot en loop het trapje op. Als ik de achterdeur van mijn bus opentrek om mijn mat eruit te trekken, blijk ik die vergeten te zijn. Slings heb ik genoeg bij en een reserve weegschaal vind ik ook nog ergens onderin. De zachte, dikke, katoenen toplaag van mijn slaapzak wordt voor deze sessie omgedoopt tot onthaakmat. Gauw een emmer of twee water erover en even later kan ik poseren met het witte beest van net vijftien kilo. Die kwam snel, dus verwacht ik nog wat actie. Die avond blijft het echter stil. Ik ga lekker koken, vreet me rond en zit daarna nog uren naar het water te staren. Geen paniek, want ik ben bijna zeker dat ze binnen enkele uren opnieuw langs zwemmen. Rond één uur ‘s nachts is de rechter stok aan de beurt. Een mini schubje is de klos en lijkt een solitaire vis want de rest van de nacht kan ik rustig slapen en ook de hele morgen blijft het stil.

 
Wil jij het complete artikel uit deze Karperwereld 113 graag als eerste lezen? Neem dan nu meteen even een voordelig abonnement en klik hier!

Reactie plaatsen


 

Uw reactie is meer dan welkom en zal bij goedkeuring door de redactie geplaatst worden.

 

Reacties (0)


Er zijn nog geen reacties geplaatst.